Definitie

“is invorderbaar” (Art. 9 lid 1 IW 1990, peildatum 2026-01-01)

De juridische toestand waarin een belastingaanslag verkeert zodra de wettelijke betalingstermijn is verstreken, op grond waarvan de ontvanger bevoegd is invorderingsmaatregelen te treffen jegens de belastingschuldige

Voorbeelden

StellingWaar?Toelichting
Een aanslag IB 2024 op naam van Jan de Groot is gedagtekend 1 januari 2026. Op 12 februari 2026 (42 dagen later) is de aanslag invorderbaar.jaZes weken na 1 januari 2026 is 12 februari 2026; op dat moment treedt invorderbaarheid in op grond van art. 9 lid 1 IW 1990.
De ontvanger vaardigt op 11 februari 2026 een dwangbevel uit voor dezelfde aanslag.neeGrensgeval: de zes-wekentermijn is nog niet verstreken; invorderbaarheid is nog niet ingetreden. De ontvanger kan op dat moment nog geen dwangbevel uitvaardigen op grond van art. 9 lid 1.
Een aanslag waarover bezwaar is ingediend, is niet invorderbaar zolang het bezwaar loopt.neeArt. 9 lid 12 IW 1990 bepaalt uitdrukkelijk dat indiening van een bezwaar- of beroepschrift de betalingsverplichting niet schorst; invorderbaarheid treedt gewoon in na het verstrijken van de betalingstermijn.

Kenmerken

  • Invorderbaarheid is een binaire toestand (wel/niet invorderbaar) die automatisch intreedt na het verstrijken van de wettelijke termijn.
  • De toestand is afgeleid: zij wordt bepaald door de afleidingsregel AR-9-1 op basis van de dagtekening van het aanslagbiljet en de termijn van zes weken.
  • De rechtssubjecten (ontvanger als rechthebbende, belastingschuldige als plichthebbende) zijn niet in lid 1 benoemd maar vloeien voort uit art. 2 en 3 IW 1990.
  • Invorderbaarheid is de drempelvoorwaarde voor dwanginvordering (dwangbevel, beslaglegging).

Relaties

TypeKardinaliteitBegrip

AR-9-1